Weer

Weerkaarten

Algemene luchtgesteldheid boven Europa

Een depressie boven het noorden van Frankrijk en de Benelux trekt naar de Baltische staten en diept daarbij verder uit. Zachte maar onstabiele lucht uit het zuiden, met thermische troggen, zal daarbij door het lagedrukgebied worden aangezogen. Dit zal aanleiding geven tot perioden met regen of buien, die soms onweerachtig kunnen zijn, aanvankelijk vooral in het westen van Europa en daarna (tegen het einde van de week) eerder in het oosten en noorden van het continent. Een tweede depressie, met daarboven een bel met koude lucht zal zich snel ontwikkelen boven het centrale Middellandse Zeegebied en soms overvloedige en onweerachtige neerslag veroorzaken van Italië tot de Balkan. Achter beide bovengenoemde depressies zal gevoelig koelere maritieme lucht van polaire oorsprong binnenstromen. In de Alpen zal dan boven ongeveer 2000 m sneeuw kunnen vallen.

Het Iberisch Schiereiland blijft doorgaans onder de bescherming van een rug die verbonden is met het Azorenhoog, maar toch zullen er af en toe buien voorkomen in het noorden van Spanje.

Vrijdag en zaterdag zal een nieuwe regenachtige Atlantische storing over West-Europa trekken. Daarna volgt een stroming met koelere en onstabiele maritieme lucht, waarin enkele buien tot ontwikkeling komen.

Van Ierland tot Scandinavië zullen de maxima niet meer boven de 12°C uitkomen. In Scandinavië kan het 's nachts lokaal zelfs vriezen, met kans op wat winterse neerslag in het noorden en in de bergen. In de kustgebieden en lagergelegen gebieden van het Middellandse Zeegebied daarentegen zullen de maxima vaak tussen 20 en 25°C liggen. Van het zuiden van Portugal tot Andalusië, evenals in het zuidoosten van Europa, kunnen de temperaturen lokaal nog tot rond 30°C klimmen.

Legende van de frontkaarten

 

Oranje visgraatlijn: "convergentielijn" => duidt een zone aan waar de wind aan de oppervlakte samenstroomt. Deze convergentie aan de oppervlakte wordt geassocieerd met verticale opwaartse bewegingen, die vaak aanleiding geven tot een buienlijn of onweer. De convergentie kan in verband worden gebracht met twee samenkomende windfluxen, elk vanuit een verschillende richting, of met de aanwezigheid van een luchtlaag die warmer en vochtiger is dan zijn omgeving (thermische vore of thermisch lagedrukgebied).
Zwarte stippellijn: "trog"=> veroorzaakt verticale opwaartse bewegingen en leidt vaak tot stortbuien en/of een intensivering van de onweersactiviteit. In een trog is meestal een buienlijn aanwezig.
Rode lijn met halve cirkels : "warmtefront" => aanvoer van warmere lucht die vaak aanleiding geeft tot de vorming van een wolkenzone, die gepaard gaat met neerslag. Het front omvat de grens tussen de aangevoerde warme lucht en de koude lucht waarvan hij de plaats zal innemen. De positie van de halve rode cirkels toont de richting van de verplaatsing van het warmtefront.
Blauwe lijn met driehoeken : "koudefront" => aanvoer van koudere lucht die vaak aanleiding geeft tot de vorming van een wolkenzone, die gepaard gaat met neerslag. Het front omvat de grens tussen de aangevoerde koude lucht en de warme lucht waarvan hij de plaats zal innemen. De plaatsing van de driehoekjes duidt de richting aan waarin het koudefront zich verplaatst.
Paarse lijn met driehoeken en halve cirkels : "occlusiefront" => resultaat van de fusie tussen een warmte- en een koudefront. In het algemeen beweegt een koudefront sneller dan een warmtefront. Het haalt het warmtefront in om een uniek wolkensysteem te vormen, dat vaak aan de bron van neerslag ligt.
Afwisselend rode/blauwe lijn : "stationair front" => stationaire grens tussen een koude en een warme luchtmassa. De warme lucht bevindt zich achter de rode halve cirkels en de koude lucht bevindt zich achter de blauwe driehoeken.

Cookies opgeslagen